trends nieuwsconsumptie

Just another WordPress.com weblog

Nederlandse journalisten: niet checken maar indekken november 24, 2008

Filed under: Artikelen Dianne Kuijs — 2008trendscv202a @ 10:09 am

De taak van een journalist is om de waarheid boven tafel te krijgen. Om er voor te zorgen dat wat je schrijft de waarheid is, is het nodig eerst wederhoor te plegen zodat je beide kanten van het verhaal belicht. Vervolgens is het noodzaak je bronnen te checken en dubbel checken. Uit dit artikel blijkt echter dat een groot deel van de journalisten niet goed checkt. Meestal checkt hij selectief en vaak doet hij dat om zichzelf in te dekken en niet om achter de waarheid te komen. Ik heb voor dit artikel gekozen omdat door een medium als internet het nieuws steeds sneller wordt verspreidt. Maar hoe kan je nu weten of wat je leest ook waar is. Dit is een punt waar wij voor de toekomst rekening mee moeten houden.

Nederlandse journalisten: niet checken maar indekken

8 oktober, 2008 Els Diekerhof


Checken van feiten en opvattingen is hard nodig, vindt de Nederlandse journalist. Alleen komt het er vaak niet van. Selectief checken, dat is de praktijk. En vaak checkt hij eigenlijk alleen om gedekt te zijn en niet om achter de waarheid te komen. Dat is, samengevat, het resultaat van een onderzoek van de Kenniskring Crossmedia Content van de Hogeschool Utrecht.

Aanleiding is onderzoek aan de overkant van de Noordzee van onderzoeksjournalist Nick Davies en onderzoeker Justin Lewis. In Flat Earth News beschrijft Davies hoe de kwaliteit van de Britse pers lijdt onder rapid repacking of largely unchecked second-hand materialZeg maar: het gebruik van ongecheckte tweedehands gegevens. De belangrijkste taak van journalisten: to check and to reject whatever is not true (…), is volgens hem in het geding.

Wordt er bij de Nederlandse media nog gecheckt?
Met een groep studenten van de Utrechtse School voor Journalistiek en de Kenniskring Crossmedia Content, onderzochten we ondermeer of en hoe journalisten bij verschillende Nederlandse media de betrouwbaarheid van hun mondelinge bronnen controleerden. 22 journalisten stuurden ons vijf eigen beeldbepalende grote verhalen of reportages. Na een precieze en uitgebreide analyse van het brongebruik in die verhalen, interviewden we de journalisten.

Alle geïnterviewde journalisten weten, naar eigen zeggen, wanneer er gecheckt moet worden. Checken doen ze als er belangen in het spel zijn. Politiek verslaggever Peter Scholtes van het Eindhovens Dagblad zegt: “Als er belangen spelen, ben ik altijd wantrouwend. Ik voel me echt een waakhond van de democratie. Ik kan niet alle informatie van mondelinge bronnen checken in documenten, maar ik check wat ze zeggen wel bij andere mensen.”

De onderzoeksjournalisten die we interviewden zijn ook duidelijk: We verifiëren alles wat we van een anonieme bron horen ook bij andere bronnen, zegt Vasco van der Boon van Het Financieele Dagblad. Ook onderzoeksjournalist Koen Voskuil van Revu doet altijd aan doublechecking: Je moet uitkijken dat je niet in hetzelfde vijvertje vist: je moet altijd van minstens twee mensen die elkaar niet kennen, hetzelfde horen.

Gecheckt wordt er ook als het snel kan. Even googlen, het kadaster raadplegen en de eigen archieven induiken. Of, als je regionaal verslaggever bent: er naartoe. Snelle checks om na te gaan of de feitelijke informatie die mondelinge bronnen verstrekten, klopt.

 

Redenen om niet te checken
Maar toch wordt er heel vaak niet gecheckt, zo biechten de geïnterviewden op. “Natuurlijk heb ik dat geleerd: check, check, doublecheck. Maar vaak zit je tegen een deadline aan en dan moet het af zijn (…). Ik weet het, een bron is geen bron, is het credo. Maar je moet ook op je gevoel afgaan: kan het kloppen wat hij zegt, vind ik het geloofwaardig?”, zegt Mark Misérus van de Volkskrant.

Davies concludeert dat Britse journalisten niet meer checken omdat ze daarvoor geen tijd meer hebben. De door ons geïnterviewde journalisten noemen tijdsgebrek wel als een van de redenen, maar ze noemen het niet als eerste en enige ooraak.

Veel journalisten beroepen zich op ervaring en intuïtie om checken achterwege te laten. Ervaren journalisten met een eigen specifiek netwerk weten immers wat voor vlees ze in de kuip hebben met hun mondelinge bronnen. Ervaring speelt een grote rol, je moet kritisch zijn, maar wel bij de juiste kwesties. “Je herkent ondertussen wel wanneer iets ’verdacht’ is en gecontroleerd moet worden en wanneer dat niet nodig is”, zegt een ervaren verslaggever van een grote regionale krant.

Journalisten die uitgebreide reportages maken met veel verschillende mondelinge bronnen met verschillende opvattingen, vinden het ook niet nodig om de betrouwbaarheid te checken. Want: Een mening is per definitie waar, net als ervaringen. “In mijn verhalen verwerk ik verschillende gevoelens en meningen. Daar valt weinig aan te checken”, zegt onderzoeksjournalist Joris van Casteren. Henk van ’t Veen, regioverslaggever bij De Stentor vindt dat ook: “Ik check nooit wat mondelinge bronnen zeggen (…). Ik zorg wel dat ik nog een andere bron heb met een andere mening.”

Blijkbaar vinden veel journalisten dat de organisatie van wederhoor hen ontslaat van de ‘plicht’ om opvattingen te checken. Die werkwijze is niet zonder ‘gevaar’ voor een journalistiek verhaal dat de waarheid moet brengen. Vooral niet nu een groot deel van de dagbladen een kleiner tabloidformaat heeft en de standaard stukken veel korter geworden zijn. “Sinds we minder lange stukken hebben, komt het wel vaker voor dat er voor de tweede bron geen ruimte meer is”, meldt Van ’t Veen.

Wordt er wel gecheckt als mondelinge bronnen ook de relevante feitelijke informatie voor het verhaal verstrekken? Nee! We moeten concluderen dat de geïnterviewde journalisten de feitelijke uitspraken van autoriteiten zelden checken. Dat is niet nodig, zo is de redenering, omdat autoriteiten zich geen leugens kunnen veroorloven als ze hun positie niet in gevaar willen brengen. De door officiële instanties verstrekte feiten worden niet altijd gecontroleerd: “Gesproken bronnen check ik alleen als er feiten of cijfers genoemd worden, maar het hangt er sterk vanaf wie het zegt. Als de directeur het zegt, dan geloof ik het wel”, zegt een verslaggever van een grote regionale krant.

 

Indekken in plaats van checken
Davies doet voorkomen of er twee soorten bronnen zijn: bronnen die wel gecheckt zijn en bronnen die niet gecheckt zijn. Maar niet checken en wel checken blijken de uiteinden van een heel spectrum aan journalistieke activiteiten. Met aan de ene kant: keurig volgens de mores dubbel controleren: bij een andere mondelinge bron nagaan of het beweerde enige grond heeft, zorgen voor wederhoor. Of de uitspraken in een, liefst officiële, documentaire bron nagaan. En aan de andere kant: nalaten om uitspraken en beweringen van mondelinge bronnen waar dan ook te toetsen. Daartussenin kent de journalistieke praktijk een heel scala aan activiteiten die als doel hebben in meer of mindere mate na te gaan of wat mondelinge bronnen zeggen ook klopt. Bijvoorbeeld door de mondelinge bronnen in een bepaalde volgorde te benaderen.

Maar in veel gevallen, zo blijkt, zijn researchende journalisten helemaal niet zelf bezig met checken of niet-checken. Er zijn nogal wat journalisten die dat werk uitbesteden aan anderen. Die de verantwoordelijkheid voor de juistheid van de berichtgeving afschuiven. Die zich verschuilen achter deskundigen.

Journalisten leggen hun verhalen voor aan deskundigen en PR-functionarissen en laten hen zo delen van hun tekst schrijven. Ze nemen ongecontroleerde uitspraken tussen aanhalingstekens in hun verhaal op en nemen aan dat wat gezagsdragers zeggen waar is. De door ons onderzochte journalisten kunnen die werkwijzen goed verantwoorden en beargumenteren met verwijzingen naar journalistieke mores. Een journalist is immers niet verantwoordelijk voor wat mondelinge bronnen beweren. Zelfs niet als het feitelijk onjuist is. Een politiek verslaggever van een regionale krant geeft aan: “(…) wat hij beweerde is lastig te controleren. Ik plaats het dan als een citaat, waarmee de verantwoordelijkheid bij hem komt te liggen”.

Dat gaat niet over checken, dat gaat over indekken. Dat is geen journalistiek op zoek naar de waarheid, dat gaat over het afschuiven van verantwoordelijkheden…

Zijn Nederlandse journalisten nog wel bezig met hun kerntaak: ‘ to check and to reject whatever is not true?’ Vooralsnog zijn de conclusies van ons verkennende onderzoek net zo weinig hoopgevend als die van Davies. Maar we gaan onze voorlopige bevindingen nog verder onderzoeken en checken.

Overigens, alle citaten in dit stuk zijn dubbel gecheckt. Met als resultaat dat een aantal geïnterviewden uitspraken wilde intrekken of nuanceren. Ze wilden liever niet als onnauwkeurig journalist overkomen, wilden niet in het openbaar toegeven niet altijd te checken.

We hebben hun uitspraken geanonimiseerd, omdat zij anders te boek kwamen te staan als het enige ‘stoute jongetje van de klas’, terwijl ze representant zijn van een veel vaker voorkomend fenomeen.

Bronnen:
– Davies, Nick (2008). Flat Earth News: An award-winning Reporter exposes Falsehood, Distortion and Propaganda in the Global Media. London: Chatto & Windus.
– Lewis, Justin et al.(2008).The Quality and Independence of British Newspaper Journalism. Cardiff School of Journalism, Media and Cultural Studies.
– Case, Donald O. (2007). Looking for Information: a survey of Research on Information Seeking, Needs, and Behavior. Elsevier.
– Leidraad van de Raad voor de Journalistiek, april 2007

 

Bron: http://www.denieuwereporter.nl/?p=1853#more-1853

Advertenties
 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s